Een reportage over het verhaal achter Royal Suits, door Jasper de Vries.

Eén wereldreis, twee motoren en heel veel maatpakken

Leestijd: 10 minuten

Het begon met een wereldreis en twee motoren in Vietnam. Een verhaal over jonge ondernemers met een fascinatie voor maatkleding en hun integratie in een Vietnamese familie. Menno Wiersma en Sietse van de Riet brachten hun tussenjaar gezamenlijk door in onder andere Rusland, Mongolië en China. Ze vielen van de ene wereld in de andere en zagen de meest prachtige en tegelijk absurde dingen, om vervolgens in Vietnam verliefd te worden op de maatpakken uit Hoi An. Brainstormen leidde tot het bedrijf Royal Suits, een creatie die tijdens de wereldreis zelf is opgezet.

‘We waren beiden bezig met het afronden van onze bachelor, toen we besloten een reis te plannen,’ begint Sietse van de Riet de uitleg over het ontstaan van hun idee er een jaar tussenuit te gaan. ‘Naast het feit dat we beiden graag naar Zuidoost-Azië wilden, was het ook een goede motivatie om onze bachelors (rechten en technische bedrijfskunde – red.) op korte termijn af te ronden. Een soort stok achter de deur.’

Die stok werd een boomstam toen de jongens in januari 2014 hun vliegtickets boekten. Ze vlogen niet direct naar Zuidoost-Azië, wat het uiteindelijke hoofddoel was. Er werd een route uitgestippeld die hen vanaf Moskou met de trein door Rusland, Mongolië en China leidde, om vanaf Beijing vervolgens zuidwaarts richting Vietnam te reizen, met uitstapjes naar Cambodja en Thailand. ‘De reis door Rusland was bizar,’ vertelt Menno Wiersma. ‘Met de informatie die Google ons gaf, hadden we een lijn getrokken van Moskou naar het oosten en wat interessante steden aangekruist. We kochten continu enkeltjes voor de trein en gingen van de ene onbekende stad naar de andere. Zodra je Moskou en Sint-Petersburg hebt gehad, kom je in het echte Rusland. Een geweldige ervaring, voorafgaand aan waar we de gehele reis naar hadden uitgekeken: Vietnam.’

Maatpakken uit Hoi An

Bij vertrek uit Nederland wisten Menno en Sietse één ding heel zeker wat ze in Vietnam gingen doen: maatpakken aanschaffen. Met hun gekochte motoren, waarmee ze drie maanden door Zuidoost-Azië reden, deden ze daarom het stadje Hoi An aan voor een belangrijke en lange stop. ‘We wisten dat alle goede maatpakken en andere maatkleding uit Vietnam kwam, uit Hoi An om precies te zijn,’ legt Sietse uit. ‘Dat is het epicentrum voor maatkleding. Elke bekende winkel die je in Europa tegenkomt haalt hun pakken uit dat stadje.’ Op de vraag waarom ze specifiek dáár zo graag pakken wilden halen, geven de glinsterende ogen van Menno eigenlijk al het antwoord. ‘Het werkende leven kwam met het afronden van onze bachelor dichterbij. Voor sollicitatiegesprekken, congressen of andere speciale gebeurtenissen wilden we een goed en mooi pak hebben, dat bovendien ook op maat gemaakt was. De aankoop was best een uitgave, want het is daar echt niet goedkoop. Maar we zagen het als een investering in de toekomst en een mooi cadeau voor onszelf. En dat cadeautje wilden we bij de oorsprong kopen, in Hoi An dus.’

Beide jongens verrijkten zich met twee maatpakken en verbleven nog een week in Hoi An, te midden van Vietnam. Daar ontdekten ze de wereld die schuil ging achter de maatpakken. De hoeveelheid stoffen, mogelijkheden met knoopjes, boordjes, ze voelden zich als kinderen in een snoepwinkel. Dit zou het begin blijken van het ontstaan van Royal Suits, maar op dat moment zelf wees nog niets in die richting. Sietse: ‘We vonden het beide een fascinerende omgeving, maar hadden er geen directe gedachten bij daar ook iets mee te gaan doen. We waren op reis en verlegden onze aandacht naar de voortzetting van onze motortocht.’

“De cultuur is daar zo anders. Je stuurt een mail met vier vragen en wanneer je geluk hebt, krijg je een half antwoord op één van die vier vragen. Als je al een antwoord krijgt”

Menno vervolgt: ‘We lieten Hoi An achter ons en reden verder naar het zuiden. Ik merkte dat ik dat wat we gezien hadden niet los kon laten en dacht er voorzichtig aan me te gaan mengen in de import van maatpakken naar Nederland. We stopten bij Jungle Beach, een tip die we hadden gekregen van andere backpackers. Het was een soort schiereiland achter een hoge berg, waar verder helemaal niets was. Een Canadees had daar een stuk strand gekocht en wat hutjes neergezet, wat een minimalistisch resort vormde. In de vroege ochtend op het strand heb ik mijn gedachten toen aan Sietse voorgelegd.’

Sietse reageerde droog: Oké leuk, maar waarom doe je het niet gewoon? Er ontstond een conversatie die leidde tot een brainstormsessie. Op alle vragen en moeilijkheden die opdoemden, konden de twee backpackers antwoorden vinden. Waarom doe je het niet veranderde vervolgens in waarom doen we het niet en tegelijk met de temperatuur steeg ook hun enthousiasme. Wel spraken ze twee strikte criteria af: áls ze het gingen doen, wilden ze enkel zaken doen met iemand die een westerse mindset had en gingen ze voor topkwaliteit. Sietse: ‘De cultuur is daar zo anders. Je stuurt een mail met vier vragen en wanneer je geluk hebt, krijg je een half antwoord op één van die vier vragen. Als je al een antwoord krijgt. Dat wilde ik niet. We moesten zaken doen met iemand die onze mentaliteit en manier van denken begreep. En als we het dan toch gingen doen, wilde ik ook in het hoogste kwaliteitssegment zitten. Dus geen goedkope rotzooi waarmee Azië vaak geassocieerd wordt. Daar zijn we toen mee aan de slag gegaan. De gehele dag hebben we op het strand doorgebracht en tegen de avond wisten we het zeker: we kunnen dit gewoon serieus gaan doen!’

Motortocht vol ideeën en een testmail

Het plan ging leven. En zodra er iets gaat leven in de hoofden van Menno en Sietse, dan is er geen houden meer aan. Geen dag ging voorbij zonder dat ze het er samen over hadden. Sietse schetst een alleszeggend voorbeeld. ‘Je moet je voorstellen dat we elke dag zo’n zes tot zeven uur op de motor zaten. Tijdens het rijden ben je even alleen en in je hoofd denk je continu aan het plan. Elke keer als we pauzeerden, vertelden we elkaar onze gedachten en schreven die op. Dat was dan voer voor nieuwe gedachten. Zo ging het maar door. Soms had ik echt de neiging om direct mijn motor aan de kant te zetten, omdat ik een idee of gedachte zo graag aan Menno wilde vertellen.’

Het nadenken en brainstormen nam zo’n twee weken in beslag, terwijl ze ondertussen steeds verder zuidwaarts reden. Ze besloten om na hun motortour, die eindigde in Ho Chi Minh City, de motoren te verkopen en een vliegticket te boeken om terug te keren naar Hoi An. Daar begon het echte werk, namelijk de juiste leverancier vinden die voldeed aan de twee strikte criteria van de jonge ondernemers. Na zich te hebben ingelezen waar ze in deze business op moesten letten en vele reviews en recensies te hebben afgestruind, stelden ze een lijst op met diverse interessante leveranciers. ‘Daar hebben we een testmail heen gestuurd,’ vertelt Sietse. ‘Puur om te kijken hoe ze reageerden. Eerst een heel kort bericht: “Hoi, ik ben Menno. De vakantie is weer voorbij, is jullie winkel open? Doei.” Echt, letterlijk dat. We keken vervolgens naar hoe snel ze reageerden, hoe goed hun Engels was en hoe de opmaak eruit zag. Op basis daarvan viel al tachtig procent af. Het rijtje dat overgebleven was, hebben we een uitgebreidere mail gestuurd met de vraag of we eens een babbeltje konden maken.’

“Soms had ik echt de neiging om direct mijn motor aan de kant te zetten, omdat ik een idee of gedachte zo graag aan Menno wilde vertellen”

Omdat ze in eerste instantie voornamelijk voor de studentenmarkt in Groningen wilden leveren, konden ze niet bij de allerduurste leveranciers gaan zitten. Terwijl ze wel diezelfde kwaliteit nastreefden. Daarom gingen de twee tailors in spé op zoek naar een familiebedrijf. Eentje die wel topkwaliteit leverde en alle aspecten begreep van hoe je zo’n business goed runt, maar die niet fikse overheadkosten had, bestaande uit meerdere winkels met veel personeel en dure showrooms. Menno: ‘Ons eerste gesprek was met onze huidige leverancier. Vanaf het begin voelde dat helemaal top. We spraken met een vrouw die getrouwd was met een Australische man. De westerse mindset waar wij naar zochten, die kun je niet in het kort uitleggen. Maar zij kwam direct zelf op die manier over. We kregen er een heel warm gevoel bij en ze was heel oprecht en puur. Een bijzondere vrouw. Na afloop liepen we naar buiten en konden we maar één ding zeggen: “Wauw, wat was dit te gek!”. We hebben daarna met andere leveranciers gesproken en zijn ook weer terug gegaan naar haar voor een vervolggesprek. Na drie dagen hakten we de knoop door: we gingen met haar in zee.’

Mama als zakenpartner

Het was de start van een harde werkweek en een enorme leerschool. Contracten opstellen, prijzen bepalen, stoffen uitzoeken en vooral leren meten. Een vakmanschap waar de jongens zich volledig op hadden verkeken. Menno en Sietse werden door de vrouw des huizes al snel haar zonen genoemd, en andersom werd de term mama gebruikt. ‘We waren direct onderdeel van de familie,’ lacht Menno. ‘Haar dochter en nicht runden de shop, en er rende ook met regelmaat een klein kindje in luiers rond. We dronken, aten en vierden feest met hen. Het was heel oprecht allemaal, maar er stond een zeer professionele business, waar mama als frontoffice diende. Haar broer heeft de leiding over de teams vol jonge, volwassen mannen, die in de panden werken waar de kleding gemaakt wordt.’

De jongens spreken vol lof en enthousiasme over hun nieuwe zakenpartner. Tijdens het ophalen van herinneringen en verhalen over mama, verlaat de glimlach geen moment hun gezichten. ‘We hebben in die week hard gewerkt, maar de gezelligheid en warmte die we voelden maakten het echt tot een feest,’ legt Sietse uit. ‘In de Skypegesprekken die we vanuit Nederland met haar voeren, benadrukt ze ook met regelmaat dat ze het vooral vanuit haar hart doet. Natuurlijk is het business, maar ze vindt het ook gewoon heel leuk dat wij dit doen. De gesprekken met haar zijn ook vaak lang van stof. Naast business is er namelijk ook veel wederzijdse interesse. Toen we net terug waren, wilden we vooral snel en zakelijk overleggen. Nu nemen we er zelf ook de tijd voor. Soms ben ik op de Universiteit en word ik via Skype door haar gebeld. Dan doe ik mijn oortjes in en begint ze te praten: “He, my son. Where is Menno? Say hello to him.” Ze is heel betrokken, eigenlijk een tweede moeder op afstand.’

Aan het einde van de werkweek werden alle uitgekozen stoffen in boekjes gedaan en in grote dozen verpakt, klaar om verscheept te worden naar Nederland. Het plan was om alles tijdens de reis te regelen, zodat het bij thuiskomst al klaar stond en ze direct over konden gaan tot uitvoering. ‘De periode van het bedenken en uitdenken van het idee, tot en met de week bij mama, was echt ge-wel-dig,’ laat Sietse weten. ‘Ook als we in Nederland geen enkel pak zouden verkopen, dan was het alsnog een geslaagde ervaring. Maar we waren nog niet klaar. Het was tijd voor de visitekaartjes en de website.’

Naam in de jungle, uitvoering in een café

‘De naam Royal Suits hadden we al, die is ontstaan toen we aan het survivallen waren in de jungle,’ neemt Menno het verhaal over. ‘Ik vond het woord royaal wel tof en tijdens onze survival praatten we daarover. Echt bizar, kun je nagaan hoe diep het bij ons zat. Toen kwam Sietse ineens met Royal Suits. We waren de jungle nog niet uit of we zaten al in een internetcafé om te kijken of we die naam mochten gebruiken en of het wel de betekenis had die wij in ons hoofd hadden. Onze gedachten bleken te kloppen, het stond ook voor hoge kwaliteit en rijkelijk.’

“Als ik er nu aan terugdenk, vind ik het eigenlijk te belachelijk voor woorden. We zaten als een stelletje nerds in een super mooie stad volle dagen achter een computer”

De website en visitekaartjes werden in Cambodja opgezet en uitgewerkt. In de tropische hitte zochten Menno en Sietse verkoeling bij de airconditioning van een internetcafé. Daar sloten ze zich enkele dagen op. Menno: ‘Na het wakker worden haalden we wat eten en drinken, om vervolgens achter een computertje met nog enigszins redelijk internet plaats te nemen en aan het werk te gaan.’ Sietse vult zijn compagnon aan: ‘Als ik er nu aan terugdenk, vind ik het eigenlijk te belachelijk voor woorden. We zaten als een stelletje nerds in een super mooie stad volle dagen achter een computer. Maar ons hoofd zat er vol mee, we wilden het ook echt allemaal daar afmaken. Natuurlijk hadden we niet onze eigen, bekende software op de computers daar. Daarom tekenden we soms letterlijk dingen helemaal uit en legden het kant en klaar voor aan een vriend in Nederland. Hij werkte het dan snel uit.’

Nadat alles rondom Royal Suits echt klaar was voor de start, vertoefden Menno en Sietse nog een paar maanden op het Aziatische continent. Het was niet zo dat ze naar huis wilden, maar de jongens keken toch wel erg uit naar het moment dat ze thuis kwamen en eindelijk de opgestuurde dozen open konden maken. Met hetzelfde enthousiasme als dat ze toentertijd hadden, proberen ze dat gevoel te omschrijven. ‘Je bent er zo intensief mee bezig geweest, het zit al zo lang in je hoofd, dat je het dan ook echt graag wilt gaan uitvoeren,’ doet Sietse een poging. ‘En toen we terugkwamen, was alles gewoon klaar. Het enige dat we nog moesten doen, was ons inschrijven bij de Kamer van Koophandel en een zakelijke rekening openen. Toen konden we echt van start!’

Uitbreiding naar Amsterdam en Utrecht

We maken een sprong naar het heden. Royal Suits leeft in Groningen en is uitgebreid naar Amsterdam en Utrecht. Charlotte Brands kreeg van Menno en Sietse de vrije hand om het bedrijf weg te zetten in de Nederlandse hoofdstad en omstreken. De twee jongens laten weten volledig te vertrouwen op Charlotte, die zij tijdens hun periode in Mongolië leerden kennen. ‘We hebben twee maanden met haar gereisd en kenden haar dus nog maar kort,’ vertelt Sietse. ‘Maar als je samen met iemand reist, voelt die periode gelijk aan een jaar vriendschap hier in Nederland. Je maakt alles samen mee. Zij wilde graag aan een eigen project werken, terwijl wij wel interesse hadden om uit te breiden naar Amsterdam. Daarom hebben we de ideologie van Royal Suits aan haar meegegeven en werken we samen aan de toekomst. ‘Het was aan ons om haar te leren meten en het enthousiasme over te brengen. Al was dat laatste eigenlijk niet meer nodig.’ Zeker niet toen Charlotte samen met Menno en Sietse afreisde naar Vietnam om persoonlijk kennis te maken. Charlotte kreeg een warm welkom en werd direct als dochter onderdeel van de Vietnamese familie.

Met z’n drieën wordt de strategie bepaald en in de Randstad heeft Charlotte alle vrijheid om Royal Suits te laten groeien. ‘In Groningen keken we vooral naar de studenten- en besturenmarkt,’ legt Menno uit. Maar inmiddels is ook het zakelijke segment bekend met Royal Suits. ‘In Amsterdam richten we ons ook op studenten, maar zien we meer de potentie in de zakelijke markt.’

Het enthousiasme waarmee de drie in Vietnam besmet raakten, merken ze nu ook bij anderen. ‘Waar we eerst actief mensen benaderden om het bedrijf van de grond te krijgen, komen mensen nu uit enthousiasme naar ons toe. Wat wij doen en hoe wij het doen wordt gewaardeerd, dat is heel gaaf om te merken. Je hoort ons eigen enthousiasme nu terug in de verhalen van onze nieuwe partners, maar ook vanuit onze klanten. Dat is het mooiste wat je kunt krijgen.’

Maak nu een afspraak met één van onze tailors






Kies een regio:

Scroll Up